
| Het FLDO |
| Verwantschaps onderzoek |
| Wetenschappelijk Onderzoek |
| Contact adres |
| Kosten onderzoek |
| Links |
| Disclaimer |
Ter informatie enige uitleg:
Chromosomen zijn onderverdeeld in 22 paar zgn. autosomen (waarvan elk kind zowel van vader als van moeder één exemplaar ontvangt) en één paar geslachtschromosomen (X en Y). Meisjes (XX) krijgen zowel van hun vader als van hun moeder een X-chromosoom, jongens (XY) daarentegen krijgen het X-chromosoom van hun moeder en het Y-chromosoom van hun vader. Op alle chromosomen bevinden zich DNA-kenmerken, kleine stukjes DNA. Voor ieder van deze DNA-kenmerken kunnen we een aantal verschillende vormen herkennen, de varianten. Verwantschapsonderzoek is gebaseerd op de overerving van varianten van verschillende DNA-kenmerken verspreid over diverse chromosomen. Wanneer het ouderschap klopt, dan heeft een kind voor ieder van deze DNA-kenmerken een variant welke van de moeder afkomstig is en een variant welke van de vader afkomstig is. Een aantal veel voorkomende situaties worden hieronder ter verduidelijking weergegeven.

Voorbeeld 1:
Een moeder heeft voor een DNA-kenmerk de varianten 16-18. Haar zoon heeft de varianten 14-18 en de mogelijke vader heeft de varianten 14-17.
De zoon heeft variant 18 van de moeder gekregen. Variant 14 moet dus afkomstig zijn van de biologische vader. De mogelijke vader heeft inderdaad variant 14. Voor dit DNA-kenmerk kan de mogelijke vader dus niet als biologische vader worden uitgesloten.

